58 | Blijven Hangen.

PETER MORRENS

11/12.12.2021 - 05.02.2022

Antwerp Art Nocturne
Saturday 18.12 | 2-9 pm

images by Peter Morrens

 

Blijven Hangen.

Er is zoveel wat ik wil zeggen. Er is zoveel wat ik wil zeggen.


Wacht. Misschien kan ik het je tonen, even vooruitblikken. Er zal een man in beeld komen, op een grijsgelakte trap. Een fractie van een seconde zal hij denken dat de treden doodlopen tegen een houten muur, dat hij vastzit, gevangen in zijn eigen onmogelijkheid. Even zal het beeld haperen, bevriezen, maar dan zal de man traag in beweging komen, de trap afstormen en op het allerlaatste moment een grote sprong zijwaarts maken. Recht zijn kist in. Uit beeld.


Ik weet niet zeker of het een man zal zijn. Ik weet wel dat hier ergens een gat in de grond zit. Het was er altijd al, maar je ziet het voor het eerst, onder het Perzisch tapijt waarop je als kind uren lag te lezen. Je lacht je een breuk. Zonder te weten waarom. Misschien lachte net iemand naar jou en lach je terug. Of je vindt een gat in de grond gewoon grappig.


En nu. Waar wil je heen? Vooruit, en weer achteruit? Links, of toch rechts? Je wil nog wat langer door één van die vensters kijken? Doe maar. Sta ook nog even stil bij de bevroren fontein. Het blijft niet vriezen. Ik baan me intussen een weg voorbij dat plakkaat met ‘Danger de mort’ erop. Het staat midden op een pad. Naast het pad ligt een mooie tuin die zich niet laat omschrijven, maar die ik graag wil betreden. Het plakkaat daagt me uit. Het perspectief roept me dichterbij. Wat kan er nu fout gaan in een tuin? Uitglijden over een stuk fruit? Dat zou kunnen, maar je meent het toch niet werkelijk dat je daar bang voor bent? Volgens mij is het trouwens geen tuin, maar een boomgaard. Hoe dieper ik erin doordring, hoe sneller de tijd achteruit draait. Ik was gelukkig in die boomgaard, al was ik beducht voor de boer die dacht dat ik een appeldief was. Stop. Stop. Achteromkijken is niet goed. Blijven hangen in herinneringen. Stotteren in je hoofd. Veel gevaarlijker dan een stuk fruit.


Want je hebt gelijk. Er loert hier gevaar om de hoek. Wat te denken van dat eenzame mes? Die kist die elk moment kan vallen? Die toren ziet er ook behoorlijk wankel uit.


Onzin, zeg je nu?! Schilderijen en tekeningen zijn niet gevaarlijk?! Toch wel. Je kunt je serieus snijden aan de randen. Of je nek verrekken als ze niet netjes op ooghoogte hangen. Zoals hier. Inderdaad. Goed opgemerkt. Je kan er niet naast kijken. Oei. Ogen dicht nu. Dat beeld mag je niet zien, kan je beter niet zien, of anders ben je zelf gezien. Beslis maar of je die vrouw in het vizier wil nemen of niet. Voor je het weet, ben je er gloeiend bij. Vraag haar anders eens of je tussen haar benen mag kijken. Als je kijkt, ben je medeplichtig. Als je niet kijkt ook. Je wil toch liever op je stappen terugkeren? Typisch. Goed dan. Jij je zin.


Of nee. Blijf toch nog maar even bij mij. Kijk. Hier zijn wat woorden om aan te blijven hangen. Meer dan twee zelfs: “Er zijn dedie die blijven en dedie die gaan.” Is dat zo? Wie maakt de schifting? Wie vult de namen in bij de streepjes? De man met de baard en de bril op zijn stoffen zakje? Neemt hij ons in de maling? Of wil hij ons mores leren?


Hij is het dus. Nu komt de kat op de koord, de sint in de schoorsteen, de kerstboom op de paal. Er wordt mij veel duidelijk: hij speelt een dubbel spel! Die dubbele rug was een weggever. Twee rechthoeken. Twee billen. Twee peren. En jawel: ook twee citroenen. Een kleine en een grote. Moeder en kind? Of heeft de ene citroen zich de andere ingebeeld? Wil hij graag wat groter zijn en wat feller geel? Bij nader inzien is die ene peer toch ook wat zachter en sensueler dan die andere. De perfecte dubbelganger bestaat niet. Niemand kent zijn gelijke. Het idee ook dat iemand met jou zou samenvallen. Dat is al bijna even erg als de gedachte aan volstrekte eenzaamheid. Wees gerust. Hier komt een stuk fruit nooit alleen. Een ongeluk ook niet. Je hebt gelijk.


Nee, nee, hij wil je niet in je ongeluk storten, je om de tuin leiden, je voor een raadsel plaatsen. Hij maakt je deelgenoot, gooit een lijntje uit, mikt op je zintuigen. Hij lacht dan wel luidop, vraagt om stilte nog voor je iets gezegd krijgt en beweert dat hij je taal niet nodig heeft, maar toch wil hij graag weten wat je ervan denkt, je blik vertragen, de zaken ernstig nemen, bij nader inzien. Waarom anders tekenen en schilderen? Hij is speeldriftig, kan het niet helpen dat hij van strepen en rondingen houdt, van banaal over brutaal tot carnaal gaat in één bezielde beweging. In zijn wereld zweven bruine bananen in het blauw, wordt een kleine kerstboom een fiere meiboom en spant hij de broeksriem aan tot een halsband. Voel je dat?


Het is zo. Het is zo.


Hij is onmogelijk? Misschien. Maar is het zijn schuld als jij op de onmogelijkheid blijft stuiten? Je hebt veel te lange tenen. Hij plaatst obstakels op je weg, maar hoe kan hij je anders doen verlangen, naar het beeld, naar hem, naar de wereld voorbij de tekening? Zijn vlakken wensen een ruimte te worden, zijn stippen willen opbollen onder je aanraking en zijn vlaggen snakken naar een windvlaag. Misschien droomt de ene citroen ervan om echt te zijn en denkt hij verkeerdelijk dat de andere citroen echter en daardoor vrijer is. Verlangt niet elk beeld ernaar om werkelijkheid te worden en voor even voluit te leven, of wil de werkelijkheid net in een beeld gevat worden en zo blijvend zijn, voortduren? Een eeuwig rottende banaan. Stel je voor. Van een onmogelijkheid gesproken.


Je bent trouwens zelf onmogelijk. Je hoeft niet alles te vergeven, maar heb toch wat medeleven. Het gaat er niet om of hij het bij het rechte eind heeft, als een zot de waarheid spreekt of schaamteloos verwarring zaait. Kijk nog maar eens. Hij is een spoorzoeker die zijn voetstappen uitwist door er telkens opnieuw overheen te lopen, even vastberaden als onbezonnen. Weet je toevallig zelf nog langs waar je bent binnengekomen, wat de kortste weg terug is, gesteld dat je die wil nemen? De ingang is ook de uitgang? Vanzelfsprekend. Dat zeg ik toch al de hele tijd. De tegenspraken heffen zich op terwijl je erbij staat, maken ruimte voor een mogelijkheid, een weg uit het niet-weten, door samen te blijven hangen, te lachen, blij te zijn. Blijf dus nog even. Er is zoveel wat ik nog wil zeggen.

Isolde Vanhee, 2021

Peter Morrens verbouwt graag zijn tentoonstellingsruimtes. Voor de tweede keer dit jaar, na de erg gesmaakte tentoonstelling in de Warande, nam hij de galerie in handen.

Een nieuw parcours en een aantal doorgedreven blokkades maken van dit galeriebezoek een verrassende totaalbeleving.

Hij timmert de galerie dicht, brengt meer dan 50 nieuwe werken en installaties en toont zich daarmee alweer van zijn veelzijdigste kant.


> catalogus en prijzen op aanvraag

Lingering in plain sight

There's so much I want to say. There's so much I want to say.


Wait. Maybe I can show it to you, look ahead a little. A man will come into sight, on a gray-painted staircase. For a split second he will think that the steps run dead against a wooden wall, that he is stuck, trapped in his own impossibility. For a moment the image will falter, freeze, but then the man will slowly start to move, rush down the stairs and at the very last moment take a big jump to the side. Straight into his coffin. Out of sight.


I do not know for sure that it will be a man. I do know that there is a hole in the ground here somewhere. It was always there, but you see it for the first time, under the Persian rug on which you lay for hours reading as a child. You laugh your head off. Without knowing why. Maybe someone just smiled at you and you smile back. Or you just find a hole in the ground amusing.


And now. Where do you want to go? Forward, and back again? Left, or right? You want to look through one of those windows a little longer? Go ahead. Don’t forget to stop by the frozen fountain for a moment. It won't stay frozen forever. Meanwhile, I will make my way past that placard that says "Danger de mort". It stands in the middle of a path. Next to the path is a beautiful garden that cannot be described in words, but that I would love to enter. The placard challenges me. The perspective calls me closer. What could possibly go wrong in a garden? Slipping on a piece of fruit? That could happen, but you are not really serious about being afraid of that, are you? By the way, I don't think it's a garden, it's an orchard. The deeper I dwell in it, the faster time spins backwards. I was happy in that orchard, although I was afraid of the farmer who thought I was an apple thief. Stop. Stop. Looking back is not good. Lingering in memories. Stuttering in your head. Much more dangerous than a piece of fruit.


You are right. There is danger lurking around the corner here. What about that lonely knife? That coffin that could fall at any moment? That tower looks pretty shaky too.


Nonsense, you say! Paintings and drawings aren't dangerous?! But they are. You can severely cut yourself on the edges. Or strain your neck if they don't hang at eye level. Like in this place. Indeed, they don't. Well noted. No mistake about it. Oh, my! Close your eyes. You better not look at that picture, or else you'll be exposed yourself. Make up your mind. Do you want to eyeball that woman or not? Before you know it, you'll get busted. Maybe you can ask her politely if you can glance between her legs. If you look, you are an accomplice. If you don't look as well. You'd rather return to your steps, wouldn't you? Typical. Alright then. Have it your way.


No. Stay with me just a little longer. Look. Here are some words to hang on to. More than two in fact: "There are those who stay and those who go." Are there? Who does the shifting? Who fills in the names at the dashes? The man with the beard and glasses on the cloth bag? Is he fooling us? Or is he trying to teach mores?


So it was him all along. Now the genie is out of the bottle, the saint in the chimney, the Christmas tree on the pole. A lot is becoming clear to me: he's playing a double game! That double back was a giveaway. Two rectangles. Two bottoms. Two pears. And yes: two lemons also. One small and one large. Mother and child? Or did one lemon imagine the other? Would it like to be bigger and yellower? On closer inspection, the one pear is also a bit softer and more sensual than the other. The perfect double does not exist. Also, the idea that someone would be the exact same as you! That's almost as terrible as the thought of complete loneliness. Rest assured. In this place, a piece of fruit rarely comes alone. Neither does an accident. You are right.


No, no, he doesn't mean to plunge you in misfortune, to lead you astray, to present you with a riddle. He is reaching out to you, throwing you a line, aiming for your senses. He may laugh out loud, ask for silence even before you have said something and claim that he does not need your language, but still he would like to know what you think, to slow down your gaze, take things seriously, on second sight. Why else draw and paint? He is frisky, can't help but love stripes and curves, going from banal to bold to carnal in one and the same movement. In his world, brown bananas float in blue, a small Christmas tree poses as a proud maypole, and belt buckle becomes a collar. Can you feel that?


It's like that. It's like that.


He's impossible? Maybe. But is it his fault if you keep crashing into the impossibility? You are too easily offended. He places obstacles in your path, but how else can he lead you to long for the image, for him, for the world beyond the drawing? His planes wish to become a space, his dots want to bubble up under your touch, and his flags yearn for a gust of wind. Perhaps one lemon dreams of being real and mistakenly thinks that the other lemon is more real and therefore freer. Does not every image desire to become real and live fully for a moment, or does reality just want to be captured in an image and thus be permanent, persistent? An eternally rotting banana. Imagine. Talk about an impossibility.


By the way, you yourself are impossible. You don't have to forgive everything, but have some compassion after all. It's not a question of whether he's right, stretching the truth, or taking you for a ride. Look again. He is looking for traces himself, erasing his footsteps by walking over them again and again. Do you happen to remember yourself from where you entered, what the shortest way back is, supposing you want to take it? The entrance is also the exit? Of course it is. I've been saying that all along. The opposites cancel each other out, making room for a possibility, a way out of not-knowing, by hanging in there, sharing some laughter, being happy. So, linger a while longer. There is so much I still want to say.

Peter Morrens likes to rebuild his exhibition spaces. For the second time this year, after the very tasteful exhibition in the Warande, he took the gallery space in hand.

A new route and a number of thorough blockades make this gallery visit a surprising total experience.

He "closes" the gallery spaces at unexpected places , presents more than 50 new works and installations and shows again his versatile side.


> exhibition catalogue and prices on request